Actueel Jeroen Schepens 27 januari 2026
“De wereldorde is dood.” Het klinkt als een onheilstijding, en zo wordt hij ook vaak gebracht. Alsof we aan de rand van de afgrond staan, machteloos toekijkend hoe sterke mannen, oorlog en chaos het stuur hebben overgenomen. Het leven dat we kenden zou definitief voorbij zijn. Een beeld geschetst door Joris Luyendijk in de podcast Station Kyiv, dat ook raakt aan de woorden van de Canadese Minister-President Carney, waarover ik eerder op deze website een reflectie schreef.
Maar misschien is dat niet het hele verhaal. Misschien is niet de wereldorde ingestort — maar het verhaal dat we onszelf daarover vertelden. Een verhaal over moraal en ethiek.
Dat is een vraag die niet alleen over geopolitiek gaat. Ze raakt ook aan hoe wij economie, macht en vooruitgang zijn gaan begrijpen. Want systemen vallen zelden om door één gebeurtenis. Ze lopen vast wanneer het denken erachter te eenvoudig wordt voor de werkelijkheid die ze moet dragen.
Als er iets misgaat, grijpen we instinctief naar moraal. Goed versus fout. Daders versus slachtoffers. Slechte mensen tegenover goede mensen. Het voelt logisch en geruststellend. Moreel oordeel geeft houvast, vooral in verwarrende tijden.
Maar moraal heeft een bijwerking: ze maakt denken lui. Wie eenmaal “slecht” is verklaard, hoeft niet meer begrepen te worden. En wie zichzelf aan de goede kant schaart, hoeft zichzelf niet meer te bevragen.
Ethiek werkt anders. Het vraagt niet: wie is fout? Ethiek vraagt: “wat gebeurt hier?”, “Waarom gebeurt het?” en “Wat zijn de gevolgen?” Moraal plakt labels en normeert, terwijl ethiek kijkt naar verbanden.
Dat is de vraag waar veel mensen afhaken. Want wat dan met leiders die liegen, verdelen, oorlog voeren? Wat met machtsmisbruik? Wat met Trump, Poetin, noem ze maar op.
Post-moraal denken — denken voorbij simpel goed en fout — zegt niet dat alles te begrijpen of te vergoelijken is. Het zegt iets anders, en eigenlijk iets strengs: hoe groter de macht, hoe groter de verantwoordelijkheid.
Iemand zonder macht reageert vaak. Iemand met macht ontwerpt. Wie wetten schrijft, media bespeelt, instituties uitholt of prikkels creëert waar anderen in vastlopen, kan zich niet verschuilen achter “het systeem”. Die is het systeem geworden. Dat vraagt geen morele verontwaardiging, maar harde ethische grenzen: dit gedrag is onaanvaardbaar, omdat het aantoonbaar schade veroorzaakt. Punt.
Ethiek gaat niet over wie iemand is, maar over wat bepaald gedrag, in combinatie met macht, structureel veroorzaakt.
Dat is ook de kern van sociaal kapitalistisch denken. Niet kijken naar economie als ideologisch strijdtoneel, maar als een waarderingssysteem dat gedrag beloont of afstraft. Wat winstgevend is, wordt herhaald. Wat loont, wordt genormaliseerd. Macht en moraal spelen daarin een rol, maar het ontwerp bepaalt de uitkomst.
Liberale democratieën (onze samenlevingen) zijn de afgelopen decennia steeds sterker gaan leunen op moraal. We spreken waarden uit, veroordelen gedrag, wijzen naar overtredingen. Dat is begrijpelijk. Maar het is ook verraderlijk. Want moraal is goedkoop. Structuren veranderen is moeilijk.
We hebben ongelijkheid beheerd in plaats van aangepakt. Onzekerheid genormaliseerd. Schaarste gepresenteerd als natuurwet. En ondertussen gezegd: dit is nu eenmaal hoe de wereld werkt.
Dat voelde voor veel mensen niet als vooruitgang, maar als verlies. Verlies van grip, van zekerheid, van betekenis. En precies daar ontstaat de aantrekkingskracht van leiders die beloven orde te scheppen, desnoods met de botte bijl.
Niet omdat mensen “dom” zijn, maar omdat hun dagelijkse ervaring structureel genegeerd werd.
Morele verontwaardiging lucht op. Het geeft het gevoel dat je aan de goede kant staat. Maar het heeft een probleem: macht trekt zich er niets van aan.
Sterke leiders floreren juist bij morele tegenstand. Het bevestigt hun verhaal: wij tegen zij. Elke veroordeling wordt brandstof. Elke verontwaardigde tweet een bewijs dat “het systeem” hen probeert te stoppen.
Ethiek daarentegen is saai. Koud soms. Maar effectief. Ethiek vraagt:
Macht reageert niet op morele superioriteit. Macht reageert op grenzen.
Wat als de afbrokkelende wereldorde niet alleen slecht nieuws is? Wat als zij onderdeel is van hetzelfde systeem dat ongelijkheid vergrootte, macht concentreerde en verantwoordelijkheid verdampte?
Dan is de echte vraag niet: hoe herstellen we wat was? Maar: wat bouwen we opnieuw op — en waarom? Dat dwingt ons tot iets ongemakkelijks. Tot nadenken op een dieper niveau dan beleid, verkiezingen of opinies. Tot de vraag wat we eigenlijk onder beschaving verstaan. Niet als moreel vaandel. Maar als ontwerp.
Elke samenleving kiest – bewust of onbewust – welke gedragingen ze beloont, economisch, sociaal en politiek. Wat winstgevend is. Wat status geeft. Wat wordt afgestraft en wat wordt genegeerd. De afgelopen decennia kozen we vaak voor efficiëntie boven menselijkheid. Voor groei boven samenhang. Voor individuele vrijheid zonder collectieve bescherming. Daarmee stonden zowel moraal als ethiek onder druk.
Dat is geen kwaadwillend complot. Het is ontwerp met blinde vlekken. En elk ontwerp dat lang genoeg bestaat, produceert gedrag dat erbij past. Soms ook gedrag waar we later van schrikken.
Post-moraal denken betekent niet dat we alles loslaten. Integendeel. Het vraagt dat we preciezer worden. Minder schreeuwen. Meer ontwerpen.
Dat is geen links of rechts verhaal. Dat is volwassen worden als samenleving.
Misschien verandert ons leven inderdaad blijvend. Niet omdat alles slechter wordt, maar omdat oude zekerheden niet meer werken. Omdat morele shortcuts ons niet verder helpen. De wereldorde is niet dood. Ze is ontmaskerd. En wat daarna komt, hangt niet af van wie we veroordelen, maar van wat we durven herontwerpen. Durven we moraal los te laten en ethiek als uitgangspunt te nemen?
Tagged as:
beschaving economie ethiek Geopolitiek kapitalisme macht en legitimiteit machtsverhoudingen moraal sociaal kapitalisme wereldorde
Over de auteur call_made
Sinds ik kon praten, stelde ik vragen. Waarom werkt iets zoals het werkt? Waarom roept iedereen A, terwijl B misschien logischer is? Ik ben gefascineerd door systemen — economisch, maatschappelijk, psychologisch — en hoe die elkaar beïnvloeden. Niet om het antwoord te vinden, maar om het juiste perspectief te kiezen. Want wie anders kijkt, ziet ook andere mogelijkheden. Mijn denken is onderzoekend, niet oordelend. Al wil ik dat laatste best toegeven op chagrijnige dagen. Ironie helpt me scherp te blijven; sarcasme is mijn zelfbescherming, maar ik probeer cynisme te vermijden. Sociaal Kapitalisme is mijn poging om verder te denken dan links of rechts. Geen ideologie, maar een ander kader. Een economie die weer vóór mensen werkt, in plaats van andersom.
© TheSocialCapitalist / Jeroen Schepens. Alle rechten voorbehouden.
Please login or subscribe to continue.
No account? Register | Lost password
✖✖
Are you sure you want to cancel your subscription? You will lose your Premium access and stored playlists.
✖