De Verkenning Jeroen Schepens 8 mei 2026
“We zijn niet links, niet rechts. We zijn gewoon… verstandig.”
Het klinkt aantrekkelijk. Geen dogma’s. Geen ideologische ballast. Gewoon pragmatisme, evidence-based beleid en een open blik. D66 zei het decennialang, nu belooft ook Volt een derde weg.
Het probleem is niet de intentie. Het probleem is wat er overblijft als je de ideologie weghaalt, maar vergeet er iets voor in de plaats te zetten.
D66 is de partij van de democratische vernieuwing. Van Hans van Mierlo’s vlammende redevoeringen, van het referendum, van de dualisering van het gemeentebestuur. Van ideeën, van visie, van… wacht.
Want wie terugkijkt op dertig jaar D66-beleid, ziet iets merkwaardigs. De partij die zichzelf positioneert als stem van de rede en de toekomst, heeft in de praktijk vooral gefunctioneerd als intellectueel smeermiddel voor het neoliberale project.
Neem onderwijs. D66 was in de jaren negentig medearchitect van de Paarse kabinetten, de coalitie die de MDW-agenda lanceerde: Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit. Scholen kregen meer autonomie, maar ook meer prikkels om te presteren op meetbare uitkomsten. Rendementsdenken deed zijn intrede. De inspectie werd resultaatgericht. Leraren kregen meer formulieren en minder vertrouwen.
D66 tekende enthousiast mee voor die agenda. Want marktwerking klonk modern, rationeel, evidence-based. Precies de taal van D66.
Wat volgde: Nederland daalde in de decennia erna stelselmatig op internationale ranglijsten voor leesvaardigheid en basisvaardigheden. Niet ondanks het beleid, maar mede erdoor.
Dat is niet het verhaal van een partij zonder ideologie. Dat is het verhaal van een partij met een verborgen ideologie: het technocratisch marktdenken, verpakt in de taal van kwaliteit en innovatie.
D66 heeft een eigen versie ontwikkeld van wat elders uitgebreid is ontleed als de vergissing van ideologieloosheid. Wie het onderscheid tussen visie, ideologie en pragmatisme wil begrijpen, leest De olifant, de oogarts en het gebrek aan visie. De kern: pragmatisme is geen alternatief voor visie. Het is slechts het ontbreken ervan.
D66 noemt het pragmatisme. In de praktijk is het iets anders: een politieke houding die vermijdt te kiezen, omdat kiezen kwetsbaar maakt.
Vraag een D66-prominent naar een concrete visie op de woningmarkt, en je krijgt een procesantwoord. Vraag naar de economische grondslag van ongelijkheid, en je krijgt een commissie. Vraag naar hun fundamentele overtuiging over de verhouding tussen markt en samenleving, en je krijgt: “dat is een complexe vraag.”
Dat is geen openheid. Dat is bestuurlijke angst voor inhoud.
Het gevolg is voorspelbaar: zonder een heldere basis van waarden schuift D66 mee met het sterkste beschikbare frame. En dat frame was de afgelopen decennia neoliberaal. Niet dat D66 dat bewust koos, maar de ontstane leegte wordt altijd gevuld.
Wie geen verhaal heeft, leent er onbewust eentje.
En dan is er Volt. Jonger, Europeser, ambitieuzer. En op papier fundamenteel anders: pan-Europees, progressief, toekomstgericht. Volt heeft iets wat D66 nooit echt had, namelijk de potentie om het systeem zelf ter discussie te stellen.
Maar wie de afgelopen jaren de communicatie van Volt volgt, ziet een zorgwekkende parallel.
Volt positioneert zich ook als post-ideologisch. Ook als evidence-based. Ook als de rationele keuze voor wie het populisme beu is. En net als D66 dreigt Volt zijn kracht te zoeken in wat het niet is (niet links, niet rechts, niet populistisch) in plaats van in wat het wel is.
Dat zie je terug in de communicatiestijl. Activistisch, reactief, moralistisch. De toon van een partij die bezig is met positionering in een morele hiërarchie, niet met het uitdragen van een coherente visie op de samenleving. Het leverde al opzeggingen van lidmaatschappen op, en dat is geen toeval.
Maar het probleem is niet alleen stijl. Het is ook strategie. Volt lijkt zich te richten op de progressieve kiezer die niet mee wil in de GroenLinks-PvdA-fusie. Dat is een kleine, al politiek drukbevolkte vijver. De werkelijke witte vlek zit elders: de progressieve VVD-er die gelooft in Europa, in ondernemerschap, in een sterke rechtsstaat, maar de huidige VVD niet meer herkent als zijn partij. Die kiezer heeft nergens een thuis. Volt zou dat thuis kunnen zijn. Maar met activistische communicatie jaagt Volt hem weg, richting het niets.
En precies daar wringt het. Want Volt heeft wel het intellectuele fundament om verder te gaan. Maar tussen fundament en daad gaapt een kloof. En in die kloof groeit het ongemak dat leden al langer uitspreken: ben ik lid van een pragmatisch progressieve partij, of van een activistische studentenvereniging?
Zowel D66 als Volt heeft een neiging tot wat ik meta-politiek zou noemen: praten over hoe politiek beter kan, in plaats van het zelf beter te doen. Democratische vernieuwing, burgerparticipatie, Europese integratie: het zijn verhalen over het proces, niet over de uitkomst.
Dat is niet waardeloos. Maar het is onvoldoende.
Een kiezer die maand op maand leeft, die geen huis kan betalen, die ziet hoe zijn buurt verandert zonder dat iemand hem daarin serieus neemt, heeft geen behoefte aan een verhaal over hoe de democratie beter kan functioneren. Die kiezer wil weten: wat doe jij voor mij, morgen?
D66 heeft dat antwoord nooit echt gegeven. Volt staat op een kruispunt.
De tragiek van D66 is dat ze het goed bedoeld hebben. Net als traditioneel links. Net als de VVD, op zijn eigen manier. Maar goede bedoelingen zonder een coherent waardenkader produceren op den duur technocratie. En technocratie produceert wantrouwen.
Volt heeft de kans om dat patroon te doorbreken. Niet door harder te roepen, niet door betere Instagram-posts, maar door te doen wat zijn meest serieuze denkers al aankondigen: de economie als fundament benoemen, democratische tegenmacht serieus nemen en een verhaal vertellen dat niet eindigt bij “Europa is de oplossing” maar begint bij de vraag waarom zoveel mensen het gevoel hebben dat niemand voor hen werkt.
Dat is de derde weg die D66 beloofde maar niet leverde; de vraag is of Volt het lef heeft om hem wel te bewandelen.
Want anders weten we hoe dit verhaal eindigt. We hebben het al gezien.
Tagged as:
activisme D66 democratie derde weg electorale strategie marktwerking MDW Nederlandse politiek neoliberalisme onderwijsbeleid paarse kabinetten politieke communicatie politieke partijen politieke visie post-ideologisch pragmatisme progressief sociaal kapitalisme technocratie Volt
Over de auteur call_made
Sinds ik kon praten, stelde ik vragen. Waarom werkt iets zoals het werkt? Waarom roept iedereen A, terwijl B misschien logischer is? Ik ben gefascineerd door systemen — economisch, maatschappelijk, psychologisch — en hoe die elkaar beïnvloeden. Niet om het antwoord te vinden, maar om het juiste perspectief te kiezen. Want wie anders kijkt, ziet ook andere mogelijkheden. Mijn denken is onderzoekend, niet oordelend. Al wil ik dat laatste best toegeven op chagrijnige dagen. Ironie helpt me scherp te blijven; sarcasme is mijn zelfbescherming, maar ik probeer cynisme te vermijden. Sociaal Kapitalisme is mijn poging om verder te denken dan links of rechts. Geen ideologie, maar een ander kader. Een economie die weer vóór mensen werkt, in plaats van andersom.
© TheSocialCapitalist / Jeroen Schepens. Alle rechten voorbehouden.
Please login or subscribe to continue.
No account? Register | Lost password
✖✖
Are you sure you want to cancel your subscription? You will lose your Premium access and stored playlists.
✖